Opbouw van de PVC doorvoer
Een standaard handhole-doorvoer bestaat uit:
- doorvoerhuls met schroefdraad
- rubber afdichtring (EPDM)
- klemring/moer
- lijmmof of wartelaansluiting voor PVC-buis
De rubber ring zorgt voor waterdichtheid, terwijl de klemring de doorvoer stevig tegen de wand klemt.
Bij handholes wordt de pakking altijd aan de buitenzijde (grondzijde) geplaatst zodat grondwater niet kan binnendringen.
Waarom specifiek voor handholes?
In een handhole spelen extra eisen:
Water- en zanddicht
De doorvoer voorkomt:
- binnendringen van grondwater
- inspoelen van zand/modder
- verzakken van de bodem rond de put
Trekontlasting
De klemring fixeert de buis zodat:
- kabelbuizen niet verschuiven
- trekkrachten niet op de handhole wand komen
Demontabel
Bij netwerkuitbreiding kunnen buizen vervangen of toegevoegd worden zonder de put te beschadigen.
Keuze van diameter (32 / 40 / 50 mm)
32 mm – kleine kabeldoorvoer
Typisch voor:
- glasvezel microducts
- kleine mantelbuis
- lage kabelcapaciteit
Voordeel: compact, weinig ruimte nodig in de wand.
40 mm – standaard telecom maat
Meest gebruikt bij:
- glasvezel distributienetten
- elektra laagspanning
- meerdere microducts in één buis
Dit is vaak de standaardmaat voor handholes.
50 mm – hoofdleiding / backbone
Voor:
- trunk- of backbone leidingen
- meerdere kabelbundels
- toekomstige uitbreiding (reserve capaciteit)
Voordeel: grote doorvoercapaciteit en minder kans op verstopping.
Montage in een handhole (praktijk)
- Gat boren met gatenzaag (wandmaat volgens fabrikant).
- Doorvoer van buiten naar binnen plaatsen.
- Rubber afdichting tegen buitenwand.
- Klemring binnenzijde vastdraaien.
- PVC mantelbuis verlijmen of koppelen.
- Eventueel afdichten met schuim of kit in de put.
Waarom vaak meerdere maten combineren?
In telecom/glasvezel zie je vaak:
- 1× 50 mm voor hoofdtracé
- 2–4× 40 mm voor distributie
- 1–2× 32 mm reserve
Zo blijft de handhole toekomstbestendig.


